X
GO

Vlaamse Landmaatschappij (VLM) - Mestbank

De Vlaamse Landmaatschappij (VLM) wil het platteland en het randstedelijk gebied doen bruisen. Door samen te werken aan kleine en grote projecten, vergroten we de omgevingskwaliteit van deze gebieden.

 

Projecten gerealiseerd met de financiële steun van

 

Lopende projecten

Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit - B3W (01/01/2021 - 31/12/2024)

Coördinator:

  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen)

 

Projectpartners:

  • ILVO (Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek)
  • BDB (Bodemkundige Dienst van België)
  • PCFruit (Proefcentrum Fruitteelt)
  • PIBO-Campus Tongeren
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt)
  • PCA (Interprovinciaal Proefcentrum voor de Aardappelteelt)
  • PCS (Proefcentrum voor Sierteelt)
  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen), Beitem
  • Praktijkpunt (Praktijkpunt Landbouw Vlaams-Brabant)
  • Hooibeekhoeve Provincie Antwerpen
  • PVL (Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw)
  • Proefcentrum Hoogstraten
  • Vlaamse Overheid, Dienst Land- en Bodembeheer

      

 

Projectomschrijving:

Begin 2021 ging de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit of B3W van start als nieuwe begeleidings- en voorlichtingsdienst voor de Vlaamse land- en tuinbouwsector. B3W werd opgericht in opdracht van de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). Vanuit diepgaande kennis en praktijkervaring begeleidt B3W land- en tuinbouwbedrijven bij hun evolutie richting duurzaam nutriëntenbeheer en bodemzorg. Het doel is om zowel de nutriëntenverliezen naar water, bodem en lucht te verminderen, alsook de bodemvruchtbaarheid te verbeteren.

B3W is een samenwerking tussen 13 Vlaamse onderzoek- en praktijkcentra voor landbouw, met verschillende locaties en expertises. B3W ondersteunt land- en tuinbouwers met innovatieve technieken, gestoeld op onderzoek en de dagelijkse praktijk. Er wordt rekening gehouden met duurzaam en geïntegreerd nutriëntenbeheer, bodemzorg, bodemkwaliteit en klimaat, maar ook met de praktische toepasbaarheid op de landbouwbedrijven. Het uitwisselen van kennis tussen alle betrokken partijen is essentieel. Dit wordt gedaan aan de hand van 3 activiteiten.

 

Thematische uitwisselingsmomenten

Een thematisch uitwisselingsmoment is een demonstratie op een ‘voorbeeldbedrijf’. Dat bedrijf heeft een duurzame en/of innovatieve praktijk of techniek geïmplementeerd in zijn werking. Hoe en waarom ontdek je in volle actie. Deze demonstratiemomenten focussen op teelten of situaties die op veel bedrijven nog tot overmatige nutriëntenverliezen leiden. De praktijkgetuigenis en kennisuitwisseling tussen bedrijfsleider en deelnemers staan centraal.

Horen hoe een collega duurzame praktijken invoert en welke ervaringen hij of zij ermee heeft, zegt vaak meer dan wetenschappelijke studies en verslagen. Daarom zoekt B3W bedrijven en bedrijfsleiders die hun innovatie tijdens een thematisch uitwisselingsmoment willen toelichten.

 

Focusgroepen

Een focusgroep is een lerend netwerk – met 6 tot 8 deelnemers – waarbinnen bedrijven vrijwillig deelnemen om bestaande kennis toe te passen en nieuwe kennis te ontwikkelen. Ze denken er samen na over de optimalisatie van de nutriëntenkringloop op bedrijfsniveau en over een samenwerking tussen bedrijven. Zo ontstaat er spontane kennisuitwisseling in een sfeer van vertrouwen. De opgedane kennis pas je als deelnemer toe op je eigen bedrijf. Wederzijds leren staat centraal.

Alle focusgroepen hebben als gemeenschappelijk doel het verbeteren van bodemzorg en nutriëntenbeheer in de brede zin van het woord. Toch zoomen ze elk in op specifieke inhoudelijke thema’s, die de onderwerpen van de focusgroep bepalen. Als lid kan je ook zelf relevante onderwerpen aanbrengen.

 

Individuele begeleiding

Een intensieve 1-op-1 begeleiding om het nutriëntenbeheer op 1 specifiek bedrijf te verbeteren. Dat zijn de individuele begeleidingen van B3W. De actuele kennis van jou, als bedrijfsleider, is het uitgangspunt. Je begeleider-coach breidt je kennis uit en reikt geoptimaliseerde praktijken aan, op maat van jouw bedrijfsstrategie en de aanwezige technologie. Met een grondige evaluatie en verbetering van de bodemkwaliteit en de nutriëntenkringloop op je bedrijf als hoofddoelen. Een B3W-medewerker neemt zelf contact met je op om dit traject op te starten.

 

Meer info?

Lore Lauwers
Luc De Reycke


Thematisch uitwisselingsmoment ‘Gescheurd grasland met focus op groenteteelt' 2021

Thematisch uitwisselingsmoment ‘Gescheurd grasland met focus op groenteteelt' 2021

Welke keuzes op vlak van bemesting maak je best in het jaar na scheuren? Welke groenteteelt je kan zetten als volgteelt?

Op woensdag 22 december 2021 om 13u00 organiseert B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit, een thematisch uitwisselingsmoment over gescheurd grasland met focus op de groenteteelt. Na het scheuren van grasland is de kans groter op een hoog nitraatresidu in het najaar. Gescheurd grasland stelt nog laat in het seizoen stikstof vrij. Wil je graag weten hoe dit komt? En hoe je er mee kan omgaan? Welke keuzes op vlak van bemesting je best maakt in het jaar na scheuren? Welke groenteteelt je kan zetten als volgteelt? Kom dan zeker naar ons thematisch uitwisselingsmoment! Je hoort er de ervaringen uit het praktijkonderzoek en gaat naar huis met een hoop tips en tricks.

22-12-2021 13:00 - 15:30/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (341)/Commentaren (0)/
Thematisch uitwisselingsmoment ‘Onderzaai gras in mais’ 2021

Thematisch uitwisselingsmoment ‘Onderzaai gras in mais’ 2021

We tonen u ook de machine waarmee we onderzaai gras in maïs hebben toegepast en de resultaten ervan. Daarnaast deelt loonwerker Stijn Stragier ook zijn ervaringen en visie rond dit thema.

Op vrijdag 17 december 2021 om 13u organiseert B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit, te Kruisem een thematisch uitwisselingsmoment over onderzaai gras in mais. We tonen u ook de machine waarmee we onderzaai gras in maïs hebben toegepast en de resultaten ervan. Daarnaast deelt loonwerker Stijn Stragier ook zijn ervaringen en visie rond dit thema.

17-12-2021 13:00 - 15:30/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (296)/Commentaren (0)/
Thematisch uitwisselingsmoment ‘Koolstofopbouw op bedrijfsniveau’ 2021

Thematisch uitwisselingsmoment ‘Koolstofopbouw op bedrijfsniveau’ 2021

Maak kennis met landbouwer Ivo Dermaut uit Ingooigem

Op woensdag 15 december 2021 om 13u15 organiseert B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit, een thematisch uitwisselingsmoment over koolstofopbouw op bedrijfsniveau.

15-12-2021 13:15 - 15:15/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (226)/Commentaren (0)/
Thematisch uitwisselingsmoment ‘Vloeibare bemesting in prei’ 2021

Thematisch uitwisselingsmoment ‘Vloeibare bemesting in prei’ 2021

Maak kennis met landbouwer Kris Noppe uit Westrozebeke

Op maandag 6 december 2021 om 13u15 organiseert B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit, een thematisch uitwisselingsmoment over vloeibare bemesting in prei. 

6-12-2021 13:15 - 15:15/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (513)/Commentaren (0)/
Tags: bemesting
Informatiedag boerderijcompostering 2021

Informatiedag boerderijcompostering 2021

In de voormiddag kennismaking met familie Cerpentier en in de namiddag huidige stand van zaken van de wetgeving, kwaliteitsopvolging, certificering en onderzoeksresultaten.

Op dinsdag 7 december 2021 vindt er een informatiedag plaats rond boerderijcompostering te Stekene van 10u45-15u15. De dag start met een thematisch uitwisselingsmoment georganiseerd door B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit. In de namiddag wordt toelichting gegeven over de huidige stand van zaken van de wetgeving, kwaliteitsopvolging en certificering. Naast onderzoeksresultaten worden ook cases rond samenwerking tussen landbouw en natuur toegelicht. Dit tweede deel van de dag wordt georganiseerd door ABS, CCBT, LLAEBIO, ILVO en PCG.

7-12-2021 10:45 - 15:15/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (424)/Commentaren (0)/
Tags: bemesting
Thematisch uitwisselingsmoment over bemestingsstrategie in prei

Thematisch uitwisselingsmoment over bemestingsstrategie in prei

In het kader van B3W-project (Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit)

Op woensdag 27 oktober om 14u organiseert B3W, de Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit, te Bornem een thematisch uitwisselingsmoment over bemestingsstrategie in prei

27-10-2021 14:00 - 17:00/Auteur: Krista/Aantal keer bekeken (72)/Commentaren (0)/
Tags: bemesting
B3W: duurzaam bodem- en nutriëntenbeheer gestoeld op onderzoek en praktijk

B3W: duurzaam bodem- en nutriëntenbeheer gestoeld op onderzoek en praktijk

In het kader van het VLM-project 'Begeleidingsdienst voor Betere Bodem en Waterkwaliteit - B3W'

Vanuit diepgaande kennis en praktijkervaring begeleidt B3W land- en tuinbouwbedrijven bij hun evolutie richting duurzaam nutriëntenbeheer en bodemzorg, met respect voor de gestelde milieudoelen en de actuele voorschriften.

donderdag 18 maart 2021/Auteur: Lauwers Lore/Aantal keer bekeken (160)/Commentaren (0)/
RSS

 

 

 

Projectpartners

  • ILVO (Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek)
  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt)
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt)
  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen)

 

      

 

Projectinhoud:

Een beperking van de N-bemesting wordt beschouwd als één van de beste N-beheersmaatregelen om N03·-verliezen naar grond- en oppervlaktewater te beperken. Stikstofbemestingsnormen zijn dan ook een belangrijke pijler van het mestbeleid.

Bij stijgende N-bemestingshoeveelheden van suboptimaal naar optimaal laten de meeste teelten een vrij constante hoeveelheid minerale N (Nmin) achter bij de oogst. Die constante Nmin-hoeveelheid, gedefinieerd als het latente Nmin-residu, wordt beschouwd als de minimale Nmin-hoeveelheid die nodig is om een optimale groei te garanderen. Dit noodzakelijke latente Nmin-residu is gewasafhankelijk en blijft meestal vrij constant bij toenemende bemestingsdosissen tot een bepaald breekpunt waarna het Nmin--residu stijgt en hiermee gepaard gaand ook het risico van NO3-uitspoeling tijdens de winter. Stikstoftrappenproeven zijn noodzakelijk om dit breekpunt vast te stellen en de normen wetenschappelijk te onderbouwen. Wetenschappelijk onderbouwde bemestingsadviezen houden zowel rekening met een optimale opbrengst en productkwaliteit als met de waterkwaliteitsdoelstellingen.

Voor de akkerbouwteelten gemaaid grasland, wintertarwe, maïs, suikerbieten en aardappelen werden reeds dosis-responscurven in functie van werkzame N en latente Nmin-residuen opgesteld op basis van beschikbare proefvelddata. Het bundelen van data van verschillende proeven bood de mogelijkheid om het effect van werkzame en teelt beschikbare N op de gewasopbrengst, N-opname en latent Nmin te begroten.

 

Doel:

Het doel van dit project is via N trappenproeven de opbrengst, de kwaliteit van de geoogste groenten, de stikstofopname en het latente en toelaatbare stikstofresidu af te leiden waarmede de maximaal toelaatbare N-bemestingsnormen voor groenten in Vlaanderen milieukundig en economisch kunnen onderbouwd worden.

 

Meer info?

Lore Lauwers

Voordracht MAP 5 in de tuinbouw

Voordracht MAP 5 in de tuinbouw

Presentatie voordracht Wase Tuinders - donderdag 28.01.2016

Map 5 brengt heel wat nieuwigheden met zich mee. In deze voordracht werd toegelicht hoe MAP 5 praktisch kan toegepast worden in de tuinbouw.

donderdag 28 januari 2016/Auteur: PCG team/Aantal keer bekeken (18863)/Commentaren (0)/
Prei bemesting (N-trappen) late herfst 2014

Prei bemesting (N-trappen) late herfst 2014

N-trappenproef in prei late herfst 2014

Door te bemesten in trappen wordt de invloed van over- of onderbemesten in de teelt nagegaan. Er werden 4 objecten opgenomen in de proef, een onbemest object, een object waar bemest werd volgens het KNS en 2 objecten waar respectievelijk 40% meer en 40% minder bemesting werd toegediend dan in het object 'KNS'. Via bodemstalen, gewasstalen en oogstbeoordeling kan geëvalueerd worden hoe het gewas omgaat met een hoge of lage stikstofbemesting en wat het bijhorende nitraatresidu is.

maandag 15 december 2014/Auteur: PCG glasteam/Aantal keer bekeken (9573)/Commentaren (0)/
RSS

Coördinator:

  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen)

 

Projectpartners:

  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen)
  • ILVO-Plant, Teelt en Omgeving
  • Ugent Vakgroep Bodembeheer
  • PCS (Proefcentrum voor de Sierteelt)
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt )
  • PCFruit (Proefcentrum voor Fruitteelt)
  • PCHoogstraten (Proefcentrum Hoogstraten)
  • BDB (Bodemkundige Dienst van België)

 

Financiering:

  • Vlaamse Landmaatschappij - Mestbank

 

         

 

Het bemestingsbeleid op akker- en tuinbouwbedrijven wordt complexer. Het realiseren van een kwantitatief en kwalitatief goede productie en het in stand houden van de bodemvruchtbaarheid is niet voldoende om te spreken van een verantwoorde bemesting. Naast de economisch optimale bemesting zijn ook factoren als de impact op de omgeving van belang. In dit project worden verschillende adviessystemen voor groenten met elkaar vergeleken. Er wordt getracht te evolueren naar een uniform adviessysteem dat kan toegepast worden in de groenteteelt. Daarnaast worden reeds frequent gebruikte adviessystemen, zoals het Duitse KNS-systeem, milieukundig bijgesteld en aangepast aan de Vlaamse teeltomstandigheden. Het milieukundig bijstellen van de adviessystemen gebeurt op basis van expertise en proefresultaten.

 

Meer info?

Lore Lauwers
Luc De Reycke

 

Presentaties studiedag 'Management van oogstresten in de groenteteelt'

Presentaties studiedag 'Management van oogstresten in de groenteteelt'

In het kader van het ADLO-project 'Onderzoek naar het beheer van oogstresten bij vollegrondsgroenten en mogelijkheden van vanggewassen en teeltrotaties met het oog op de waterkwaliteitsdoelstellingen van het Actieprogramma'

Oogstresten van landbouwgewassen vormen een cruciale schakel voor het op peil houden van de bodemvruchtbaarheid. In landbouwecosystemen blijft bij de oogst in veel gevallen meer bovengrondse biomassa achter op het veld dan dat er verwijderd wordt in het geoogste product. Hierbij moet ook nog de ondergrondse biomassa aan oogstresten gevoegd worden die per definitie op het veld achterblijft en die in een aantal gevallen aanzienlijk kan zijn. Naast een belangrijke rol in opbouw/behoud van organische stof, bevatten oogstresten ook een aanzienlijke hoeveelheid nutriënten.

dinsdag 17 februari 2015/Auteur: PCG team/Aantal keer bekeken (11640)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Demoproef: vergelijken inwerken en laten staan oogstresten bloemkool op praktijkniveau 2013 (1)

Het na de winter inwerken van deze oogstresten zorgt ervoor dat de stikstof later vrijkomt en opgenomen kan worden door de volgteelt. Om na te gaan hoe groot het effect is van het laten staan van de oogstrest bloemkool, werd een demoproef aangelegd op een bloemkoolveld bij een teler. Na oogst werden op de helft van het veld de oogstresten ingewerkt, terwijl de oogstresten op het andere deel bleven staan. Vervolgens werd op beide delen van het veld maandelijks een grondstaal genomen.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (9104)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Demoproef: Vergelijken inwerken en laten staan oogstresten bloemkool op praktijkniveau 2013 (2)

Door de oogstresten, stronk met blad, te laten staan, wordt de stikstof vastgehouden in deze plantendelen. Het na de winter inwerken van deze oogstresten zorgt ervoor dat de stikstof later vrijkomt en opgenomen kan worden door de volgteelt.

Om na te gaan hoe groot het effect is van het laten staan van de oogstrest bloemkool, werd een demoproef aangelegd op een bloemkoolveld bij een teler in 2 verschillende rassen bloemkool.

Na oogst werd op de helft van het veld de oogstresten ingewerkt, terwijl de oogstresten op het andere deel bleven staan. Vervolgens werd op beide delen van het veld maandelijks een grondstaal genomen.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12131)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten minder nitraatuitspoeling 2013

Bloemkool oogstresten minder nitraatuitspoeling 2013

Lange termijnproef: alternatieve rotaties met bloemkool voor minder nitraatuitspoeling van de oogstresten 2013

Deze proef heeft tot doel het evalueren van alternatieve gewasrotaties en vanggewassen bij vollegrondsgroenten, meer bepaald bloemkool.

Hiervoor werd Italiaans raaigras enerzijds als teelt en anderzijds als vanggewas en rogge als vanggewas gezaaid op 2 verschillende tijdstippen na een teelt bloemkool.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12376)/Commentaren (0)/
Bloemkool bemesting oogstresten 2012

Bloemkool bemesting oogstresten 2012

Immobilisatie van stikstof in oogstresten bloemkool 2012

Deze proef heeft tot doel de haalbaarheid te onderzoeken van het ter plaatste behandelen van deze oogstresten. Door het toedienen van immobiliserende materialen voor het inwerken van de oogstresten, wordt getracht de vrijkomende N uit de oogstresten tijdelijk vast te leggen en op die manier N-verliezen te beperken. Volgende immobiliserende materialen werden gebruikt: jonge groencompost, graanstro en oogstrest korrelmaïs.

zaterdag 15 december 2012/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12515)/Commentaren (0)/
RSS
12

Afgelopen projecten

Stikstofbemestingsnormen in de groenteteelt. Stikstoftrappenproeven ter onderbouwing van de normen in het kader van MAP 5 (31/01/2015 - 28/02/2017)

Projectpartners

  • ILVO (Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek)
  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt)
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt)
  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen)

 

      

 

Projectinhoud:

Een beperking van de N-bemesting wordt beschouwd als één van de beste N-beheersmaatregelen om N03·-verliezen naar grond- en oppervlaktewater te beperken. Stikstofbemestingsnormen zijn dan ook een belangrijke pijler van het mestbeleid.

Bij stijgende N-bemestingshoeveelheden van suboptimaal naar optimaal laten de meeste teelten een vrij constante hoeveelheid minerale N (Nmin) achter bij de oogst. Die constante Nmin-hoeveelheid, gedefinieerd als het latente Nmin-residu, wordt beschouwd als de minimale Nmin-hoeveelheid die nodig is om een optimale groei te garanderen. Dit noodzakelijke latente Nmin-residu is gewasafhankelijk en blijft meestal vrij constant bij toenemende bemestingsdosissen tot een bepaald breekpunt waarna het Nmin--residu stijgt en hiermee gepaard gaand ook het risico van NO3-uitspoeling tijdens de winter. Stikstoftrappenproeven zijn noodzakelijk om dit breekpunt vast te stellen en de normen wetenschappelijk te onderbouwen. Wetenschappelijk onderbouwde bemestingsadviezen houden zowel rekening met een optimale opbrengst en productkwaliteit als met de waterkwaliteitsdoelstellingen.

Voor de akkerbouwteelten gemaaid grasland, wintertarwe, maïs, suikerbieten en aardappelen werden reeds dosis-responscurven in functie van werkzame N en latente Nmin-residuen opgesteld op basis van beschikbare proefvelddata. Het bundelen van data van verschillende proeven bood de mogelijkheid om het effect van werkzame en teelt beschikbare N op de gewasopbrengst, N-opname en latent Nmin te begroten.

 

Doel:

Het doel van dit project is via N trappenproeven de opbrengst, de kwaliteit van de geoogste groenten, de stikstofopname en het latente en toelaatbare stikstofresidu af te leiden waarmede de maximaal toelaatbare N-bemestingsnormen voor groenten in Vlaanderen milieukundig en economisch kunnen onderbouwd worden.

 

Meer info?

Lore Lauwers

Voordracht MAP 5 in de tuinbouw

Voordracht MAP 5 in de tuinbouw

Presentatie voordracht Wase Tuinders - donderdag 28.01.2016

Map 5 brengt heel wat nieuwigheden met zich mee. In deze voordracht werd toegelicht hoe MAP 5 praktisch kan toegepast worden in de tuinbouw.

donderdag 28 januari 2016/Auteur: PCG team/Aantal keer bekeken (18863)/Commentaren (0)/
Prei bemesting (N-trappen) late herfst 2014

Prei bemesting (N-trappen) late herfst 2014

N-trappenproef in prei late herfst 2014

Door te bemesten in trappen wordt de invloed van over- of onderbemesten in de teelt nagegaan. Er werden 4 objecten opgenomen in de proef, een onbemest object, een object waar bemest werd volgens het KNS en 2 objecten waar respectievelijk 40% meer en 40% minder bemesting werd toegediend dan in het object 'KNS'. Via bodemstalen, gewasstalen en oogstbeoordeling kan geëvalueerd worden hoe het gewas omgaat met een hoge of lage stikstofbemesting en wat het bijhorende nitraatresidu is.

maandag 15 december 2014/Auteur: PCG glasteam/Aantal keer bekeken (9573)/Commentaren (0)/
RSS

Het documenteren en milieukundig bijstellen van het KNS en andere bemestingsadviessystemen in de tuinbouw met het oog op een ruimere toepassing in de tuinbouw zoals voorzien in het Actieprogramma 2011-2014 (MAP4) (01/03/2013 - 30/06/2014)

Coördinator:

  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen)

 

Projectpartners:

  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen)
  • ILVO-Plant, Teelt en Omgeving
  • Ugent Vakgroep Bodembeheer
  • PCS (Proefcentrum voor de Sierteelt)
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt )
  • PCFruit (Proefcentrum voor Fruitteelt)
  • PCHoogstraten (Proefcentrum Hoogstraten)
  • BDB (Bodemkundige Dienst van België)

 

Financiering:

  • Vlaamse Landmaatschappij - Mestbank

 

         

 

Het bemestingsbeleid op akker- en tuinbouwbedrijven wordt complexer. Het realiseren van een kwantitatief en kwalitatief goede productie en het in stand houden van de bodemvruchtbaarheid is niet voldoende om te spreken van een verantwoorde bemesting. Naast de economisch optimale bemesting zijn ook factoren als de impact op de omgeving van belang. In dit project worden verschillende adviessystemen voor groenten met elkaar vergeleken. Er wordt getracht te evolueren naar een uniform adviessysteem dat kan toegepast worden in de groenteteelt. Daarnaast worden reeds frequent gebruikte adviessystemen, zoals het Duitse KNS-systeem, milieukundig bijgesteld en aangepast aan de Vlaamse teeltomstandigheden. Het milieukundig bijstellen van de adviessystemen gebeurt op basis van expertise en proefresultaten.

 

Meer info?

Lore Lauwers
Luc De Reycke

 

Presentaties studiedag 'Management van oogstresten in de groenteteelt'

Presentaties studiedag 'Management van oogstresten in de groenteteelt'

In het kader van het ADLO-project 'Onderzoek naar het beheer van oogstresten bij vollegrondsgroenten en mogelijkheden van vanggewassen en teeltrotaties met het oog op de waterkwaliteitsdoelstellingen van het Actieprogramma'

Oogstresten van landbouwgewassen vormen een cruciale schakel voor het op peil houden van de bodemvruchtbaarheid. In landbouwecosystemen blijft bij de oogst in veel gevallen meer bovengrondse biomassa achter op het veld dan dat er verwijderd wordt in het geoogste product. Hierbij moet ook nog de ondergrondse biomassa aan oogstresten gevoegd worden die per definitie op het veld achterblijft en die in een aantal gevallen aanzienlijk kan zijn. Naast een belangrijke rol in opbouw/behoud van organische stof, bevatten oogstresten ook een aanzienlijke hoeveelheid nutriënten.

dinsdag 17 februari 2015/Auteur: PCG team/Aantal keer bekeken (11640)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Demoproef: vergelijken inwerken en laten staan oogstresten bloemkool op praktijkniveau 2013 (1)

Het na de winter inwerken van deze oogstresten zorgt ervoor dat de stikstof later vrijkomt en opgenomen kan worden door de volgteelt. Om na te gaan hoe groot het effect is van het laten staan van de oogstrest bloemkool, werd een demoproef aangelegd op een bloemkoolveld bij een teler. Na oogst werden op de helft van het veld de oogstresten ingewerkt, terwijl de oogstresten op het andere deel bleven staan. Vervolgens werd op beide delen van het veld maandelijks een grondstaal genomen.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (9104)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Bloemkool oogstresten vergelijking inwerken of laten staan 2013

Demoproef: Vergelijken inwerken en laten staan oogstresten bloemkool op praktijkniveau 2013 (2)

Door de oogstresten, stronk met blad, te laten staan, wordt de stikstof vastgehouden in deze plantendelen. Het na de winter inwerken van deze oogstresten zorgt ervoor dat de stikstof later vrijkomt en opgenomen kan worden door de volgteelt.

Om na te gaan hoe groot het effect is van het laten staan van de oogstrest bloemkool, werd een demoproef aangelegd op een bloemkoolveld bij een teler in 2 verschillende rassen bloemkool.

Na oogst werd op de helft van het veld de oogstresten ingewerkt, terwijl de oogstresten op het andere deel bleven staan. Vervolgens werd op beide delen van het veld maandelijks een grondstaal genomen.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12131)/Commentaren (0)/
Bloemkool oogstresten minder nitraatuitspoeling 2013

Bloemkool oogstresten minder nitraatuitspoeling 2013

Lange termijnproef: alternatieve rotaties met bloemkool voor minder nitraatuitspoeling van de oogstresten 2013

Deze proef heeft tot doel het evalueren van alternatieve gewasrotaties en vanggewassen bij vollegrondsgroenten, meer bepaald bloemkool.

Hiervoor werd Italiaans raaigras enerzijds als teelt en anderzijds als vanggewas en rogge als vanggewas gezaaid op 2 verschillende tijdstippen na een teelt bloemkool.

zondag 15 december 2013/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12376)/Commentaren (0)/
Bloemkool bemesting oogstresten 2012

Bloemkool bemesting oogstresten 2012

Immobilisatie van stikstof in oogstresten bloemkool 2012

Deze proef heeft tot doel de haalbaarheid te onderzoeken van het ter plaatste behandelen van deze oogstresten. Door het toedienen van immobiliserende materialen voor het inwerken van de oogstresten, wordt getracht de vrijkomende N uit de oogstresten tijdelijk vast te leggen en op die manier N-verliezen te beperken. Volgende immobiliserende materialen werden gebruikt: jonge groencompost, graanstro en oogstrest korrelmaïs.

zaterdag 15 december 2012/Auteur: PCG openluchtteam/Aantal keer bekeken (12515)/Commentaren (0)/
RSS
12

Internationale benchmark van nutriëntenregelgeving en van innovatieve cultiveringstechnieken voor tuinbouw met betrekking tot waterbescherming met het oog op de waterkwaliteitsdoelstellingen van het Actieprogramma 2011-2014 (MAP4) (01/7/2012 - 31/12/2013)

Projectpartners:

  • PCG (Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen)
  • ILVO-Plant Teelt en Omgeving
  • UGent Vakgroep Bodembeheer
  • PCS (Proefcentrum voor de Sierteelt)
  • PSKW (Proefstation voor de Groenteteelt)
  • Inagro (Innovatief en duurzaam Agrarisch Ondernemen)

 

    

 

Situering:

Bij vollegrondstuinbouw, glastuinbouw (zowel vollegrond als grondloos) en sierteelt (zowel vollegrond als grondloos) is het een moeilijke opgave om de hoge productiviteit en de late teelten te combineren met de bestaande mestwetgeving. Momenteel wordt veel onderzoek uitgevoerd, in Vlaanderen maar ook in andere regio’s binnen Europa, naar het verminderen van nutriëntenverliezen via uitspoeling uit de bodem en naar een hogere graad van hergebruik van nutriënten in water binnen tuinbouwbedrijven.

Het is belangrijk dat de Vlaamse tuinbouw actief op zoek gaat naar innovatieve technieken en innovatieve strategieën (i.e. bestaande technieken op een alternatieve manier toepassen). Daarnaast kan er heel wat geleerd worden uit de concrete vertaling van de Nitraatrichtlijn in wetgeving en controlesystemen in andere regio’s binnen Europa, en dit als voorbereiding op de volgende onderhandelingen met de Europese Commissie.

 

Doel:

Het doel van de opdracht is enerzijds een internationale benchmark van nutriëntenregelgeving voor tuinbouw en van innovatieve teelttechnieken voor tuinbouwgewassen in de Europese lidstaten uit te voeren en anderzijds het organiseren van een Europese conferentie over de nutriëntenproblematiek en de beste praktijken in de tuinbouw met betrekking tot waterbescherming in diverse landen.

De benchmark richt zich op relevante tuinbouwregio’s in landen met een vergelijkbaar klimaat of vergelijkbare tuinbouwteelten vb. in Nederland, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, Denemarken, Spanje, en Polen. Wallonië wordt in de benchmark ook als regio weerhouden. In deze landen worden in totaal 8 regio’s geselecteerd, zowel wetgeving en innovatieve technieken worden beoordeeld voor dezelfde 8 regio's.

De benchmark wordt afgesloten met de organisatie van de Europese conferentie Nutrihort, waar de expertise uit verschillende landen samengebracht zal worden. Het doel is om op zoek te gaan naar nieuwe innovatieve technieken en strategieën binnen de tuinbouw en inzicht te krijgen in de diversiteit aan nutriëntenwetgeving in diverse Europese regio’s.

 

Meer info?

PCG glasteam