X
GO

Actueel nieuws

Je serre omschakelen naar bio? Geef een boost met compost!

Je serre omschakelen naar bio? Geef een boost met compost!

In het kader van het CCBT-project ‘OS - Omschakelen op Slimme Wijze’

Auteur: Lauwers Lore/dinsdag 30 april 2019/Categorieën: Bio beschutte teelt, Bodem en bemesting, Projecten, CCBT, BIOS2, Thema, bemesting, teelttechniek, Voorlichting, gezien op het veld, vaktijdschrif, Actueel, Niet-leden

Kastelers die willen omschakelen naar biologische teelt streven ernaar hun bodem in een zo kort mogelijke tijdspanne klaar te krijgen voor een robuuste teelt. Zeker voor telers die een verkorting van de omschakelingsperiode kregen en die intensief vruchtgroenten willen gaan telen, is dit een hele uitdaging. De bodem die lang onder plastiek heeft gelegen, heeft vaak een laag organische stofgehalte, weinig voedingselementen en weinig bodemleven. Een koolstoftoediening van 16 ton C/ha over de 2 jaar verspreid, kan zorgen voor een gemiddelde toename van het totaal organisch koolstofgehalte in de bodem van 0,42%.

Op praktijkbedrijven getest
Er is een ruim aanbod van compostsoorten op de markt, elk met een bijhorend prijskaartje. Dewelke nu het meest aangewezen is als basisbemesting, is echter niet gekend. Binnen het CCBT-project ‘OS – Omschakelen op slimme wijze’ hebben we een compostproef gedurende twee jaar op rij kunnen aanleggen op twee praktijkbedrijven. Beide bedrijven hebben een verkorting van de omschakelingsperiode gekregen en zijn omgeschakeld van substraatteelt vruchtgroenten naar biologische vruchtgroententeelt. Bij de start van de proef teelde teler 1 reeds 1 jaar in de grond en startte teler 2 aan zijn eerste jaar. Teler 1 teelde op de proeflocatie in zijn serre het eerste jaar tomaat en het tweede jaar zoete puntpaprika waar teler 2 het eerste jaar blokpaprika teelde en het tweede jaar verschillende tomatenrassen. 

Zes compostsoorten 
Er zijn 6 compostsoorten met elkaar vergeleken alsook t.o.v. een blanco-object dat geen compost gekregen heeft (Tabel 1). Bij herhaalde giften kan composttoediening een geleidelijke bodem-pH stijging met zich meebrengen. Deze pH terug naar beneden brengen, is in biologische teelt niet eenvoudig. Daarom is er een experimenteel object in de proef meegenomen, namelijk gecomposteerde paardenmest aangereikt met elementaire zwavel. De aanrijking met zwavel zorgt voor de verlaging van de compost-pH. Er moet wel voorzichtig omgesprongen worden met de zwaveldosering zodoende dat de bodem-pH niet te sterk daalt. Over de proef heen werd er bijbemest met een organische korrel. De dosering werd bepaald op basis van bodemanalyses en er werd bemest zoals dat in de praktijk gebeurt. Bij de start en op het einde van de proeven zijn bodemstalen genomen om het effect van de compostsoorten op de bodemkwaliteit te bestuderen. 

 

Op basis van koolstofdosering 
Het eerste proefjaar was de dosering van de compostsoorten berekend naar een koolstofgift van 6 ton/ha. Het tweede jaar werd de proef verdergezet met toepassing van dezelfde compostsoorten op dezelfde plots in de serre, alleen werd de koolstofgift bij de ene teler verlaagd naar 4 ton/ha en bij de andere teler verhoogd naar 8 ton/ha. Dit door het verschil in koolstofgehalte van de bodem op de bedrijven. Omdat de dosering berekend is op basis van compostanalyses van het eerste jaar verschilt de effectief toegediende hoeveelheid koolstof in het tweede jaar door de variatie in de compostsamenstelling. De hoeveelheden die toegediend zijn over de 2 jaren heen staan weergegeven in tabel 1.

 

Tabel 1: Toegepaste dosering en leveranciers compost

Geen invloed op opbrengst 
De compostsoorten op zich hebben in de proeven geen invloed gehad op de gewasparameters (hoogte, kleur, dichtheid gewas, gewasgezondheid) alsook geen statistische invloed op de opbrengstcijfers in vergelijking met het blanco-object. Ook zijn er na twee jaar nog geen opvallende bodem-pH verschillen waargenomen door de composttoedieningen. Bij teler 1 haalde de wormencomposttoediening wel een hogere pH dan het blanco-object. En er is een pH-daling waargenomen bij beide telers door de toediening van het elementair zwavel. Planten die op een verzuurde bodem staan kunnen immers minder nutriënten opnemen uit de bodem wat resulteert in nutriëntentekorten in de plant. Na extra watergift en bekalking kunnen de planten zich opnieuw herstellen maar de groeiachterstand  is niet in te halen.

Wel invloed op koolstofgehalte 
Bij teler 2 zorgt de tweejarige composttoediening met groencompost (Acterra), uitgerijpte biostimulator groenkeurcompost (Orgapower), wormencompost (PUR VER®) en champost (Braeckevelt) voor een hogere totaal organisch koolstofgehalte in de bodem ten opzichte van het blanco-object. Een gemiddelde C-toediening van 16 ton C/ha over de 2 jaar verspreid, zorgt voor een gemiddelde toename van het totaal organisch koolstofgehalte in de bodem van 0,42%. Dezelfde objecten zorgen voor een hogere toename in totaal N-gehalte in de bodem ten opzichte van het blanco-object. Daar is gemiddeld over de 2 jaar heen met die
compostsoorten 1254 kg N/ha toegediend.

Lange termijn visie
Koolstofopbouw in de bodem is een verhaal van lange adem, wat deze resultaten ook opnieuw bevestigen. De teler moet jaarlijks blijven inzetten om het koolstofgehalte in de bodem ofwel te verhogen ofwel op peil te houden. In grafiek 1 zie je de grote hoeveelheid koolstoftoediening met compost die de kleine stijging van koolstofgehalte in de bodem teweegbrengt bij teler 2. Je geeft met compost ook meer nutriënten mee dan enkel koolstof. Ook hier moet rekening mee gehouden worden in het bepalen van de dosering.

 

Figuur 1: Totale koolstofgift met compost over de 2 jaar (oranje), koolstofgehalte in de bodem bij start (blauw) en einde (grijs) bij teler 2

 

Hoge dosering elementair zwavel brengt schade
Er moet voorzichtig omgesprongen worden met de dosering van elementair zwavel bij toediening aan compost. Indien deze te hoog is kan de compost-pH ,en na toediening ook de bodem-pH, sterk dalen en een groeiachterstand veroorzaken bij je planten. Planten die op een verzuurde bodem staan kunnen immer minder nutriënten opnemen uit de bodem wat resulteert in nutriëntentekorten in de plant. Na extra watergift en bekalking kunnen de planten zich opnieuw herstellen maar de groeiachterstand  is wel niet in te halen.

 

Variabele samenstelling compost
In de praktijk wordt compost per kubieke meter of per ton besteld. Maar er zitten grote verschillen in samenstelling, volumegewicht en prijs tussen de compostsoorten. Vraag steeds de volledige en recentste samenstelling op van de compost die je wil bestellen. Zo kan je best je dosering bepalen. Ook per gemaakte batch van compost kunnen er grote verschillen in samenstelling zitten want dit is afhankelijk van het uitgangsmateriaal dat er ter beschikking is. 

Groeistoring door residu
Het is ook belangrijk waakzaam te zijn bij mestsoorten waarbij de dieren gevoederd worden met hooi. Het gevaar bestaat dat het hooi behandeld is met de actieve stoffen aminopyralide of chlopyralide. Deze actieve stoffen worden niet afgebroken door het spijsverteringsstelsel van dieren noch door het composteringsproces. Ze veroorzaken groeiafwijkingen en hormoonverstoringen in de plant. Een analyse van de compost kan uitsluitsel brengen. Maar dit is vrij kostelijk en het blijft een moeilijkheid om het volledig uit te sluiten. 

De volledige resultaten van deze proeven kan je raadplegen via Paprika bemesting compost (fosfor) 2017 en Paprika bemesting compost (K) 2017

 

In samenwerking met
CCBT-project ‘OS - Omschakelen op Slimme Wijze’
CCBT     


Print

Aantal keer bekeken (7336)/Commentaren (0)

Links

x