X
GO

Actueel nieuws

Kropsla gewasbescherming IPM-strategie vroege lente 2017

Kropsla gewasbescherming IPM-strategie vroege lente 2017

Validatie van een IPM-strategie tegen smet in kropsla (Lactuca sativa var. capitata) vroege lente 2017

Auteur: Neukermans Jenny/vrijdag 15 december 2017/Categorieën: Gangbare glasteelt, Bladgewassen, kropsla, Projecten, Vlaamse Overheid, VLAIO (ex IWT), SLIP, Thema, gewasbescherming, ziekten, Voorlichting, proefverslag, Proefverslag, Niet-leden

Deze proef werd opgezet om een IPM-strategie tegen smet in een vroege lenteteelt van serresla te valideren. Deze proef maakt deel uit van het LA-traject “Geïntegreerde beheersingsstrategie voor grondgebonden schimmels en nematoden in bladgroenten onder glas”, meer specifiek tot werkpakket 6 “Validatie en demonstratie in de praktijk”, taak 1 “Validatie van de IPM-strategie”.

 

Bespreking
Er werd geplant op 30/01/2017 en geoogst op 30/03/2017. De proef werd opgezet met 5 objecten in 4 herhalingen. De IPM-strategie hield in dat volgende objecten vergeleken werden op smetaantasting:

  • een selectief spuitschema tegen Botrytis en Pythium t.o.v. een geoptimaliseerd spuitschema naar Rhizoctonia en Pythium. In eerder uitgevoerde proeven werd vastgesteld dat het in een vroege lenteteelt van serresla niet zomaar mogelijk is om standaardbehandelingen tegen de smetpathogeen Rhizoctonia weg te laten en enkel in te zetten op Botrytis en Pythium. Er werd toen geconcludeerd dat er rekening gehouden moet worden met de historiek. Omdat de druk van Rhizoctonia al meerdere teeltrondes hoog is, werd er geoptimaliseerd naar een spuitschema tegen Rhizoctonia en Pythium.

  • drie verschillende plantafstanden. Een ruimere plantafstand zou voor een betere verluchting en mindere ziekteontwikkeling kunnen zorgen.

De smetaantasting was zwaar in deze proef. De smetpathogeen Botrytis domineerde maar er werd ook een duidelijke aantasting van Pythium waargenomen. Rhizoctonia werd in mindere mate vastgesteld, Sclerotinia was afwezig (tabel niet weergegeven). In het onbehandeld object was 97% van de planten aangetast door Botrytis, 22% daarvan was heel zwaar aangetast tot dood (klasse 4).

In deze proef werden enkele significante verschillen vastgesteld. De verkoopbare kropmassa was het laagst (293 gram) in het onbehandeld object. Het object met het selectief spuitschema tegen Botrytis en Pythium haalde een significant hogere kropmassa (435 gram). T.o.v. het geoptimaliseerd spuitschema tegen Rhizoctonia en Pythium werd geen significant verschil waargenomen (379 gram). Het selectief spuitschema tegen Botrytis en Pythium deed het qua Botrytisaantasting beter dan het geoptimaliseerd spuitschema tegen Rhizoctonia en Pythium, de ziekteindex was significant lager. 

Tussen de drie plantafstanden werd geen verschil vastgesteld, noch in ziekteaantasting, noch in verkoopbare kropmassa.

 

Besluit
Uit deze proef, waarin bij oogst een zware aantasting door Botrytis werd vastgesteld, besluiten we dat het nadelig is om in een vroege lenteteelt van serresla te besparen op standaardbehandelingen tegen Botrytis. We besluiten dat er in de bestrijding van smet in serresla rekening gehouden moet worden met het teeltseizoen én met de smethistoriek van het perceel.

 

Volledig rapport Kropsla gewasbescherming IPM-strategie vroege lente 2017

 

In samenwerking met
Deze proef ligt aan in het kader van het La-traject 140984: Geïntegreerde beheersingsstrategie voor grondgebonden schimmels en nematoden in bladgroenten onder glas.

         

 

publicatiejaar2017
afdelingGangbaar glas
Teelt of thema
  • Kropsla
Print

Aantal keer bekeken (2549)/Commentaren (0)

Documenten

Links

x