X
GO

Actueel nieuws

Vruchtgroenten groenbemester bestrijding wortelknobbelaaltje 2016

Vruchtgroenten groenbemester bestrijding wortelknobbelaaltje 2016

Onderdrukking van Meloidogyne in kas door middel van het inzaaien van gepaste tussenteelt/groenbemesting binnen de rotatie van vruchtgroenten 2016

Auteur: PCG bio beschutte teelt PCG bio beschutte teelt/donderdag 15 december 2016/Categorieën: Bio_beschutte_teelt, Bodem_en_bemesting_BIO, Thema, bemesting, teelttechniek, Voorlichting, proefverslag, Proefverslag, Niet-leden

Biologisch telen doe je in de grond. Dit is het uitgangspunt van biologische glastuinbouw. Daarom besteden biologische glastuinders veel aandacht aan de bodem, zowel aan bodemvruchtbaarheid als aan bodemgezondheid.

Het probleem met wortelknobbelaaltjes in grondgebonden kasteelt van vruchtgroenten heeft in de eerste plaats als oorzaak een zeer krappe vruchtwisseling van tomaat, paprika, komkommer en aubergine. Vooral in gestookte teelten krijgt de bodem nauwelijks tijd om op adem te komen. In economisch opzicht is er echter nauwelijks een ruimere vruchtwisseling mogelijk. De dure infrastructuur vraagt immers om een intensieve teeltwijze.

Mogelijke beheersmaatregelen zoals het gebruik van resistente rassen of bodemontsmetting zijn ontoereikend. Bij bepaalde gewassen zijn inderdaad resistenties aanwezig, maar deze zijn vaak onvolledig. Bovendien is het aangewezen de bodem niet onnodig te verstoren door maatregelen zoals grondstomen omdat op die manier de natuurlijke afweer uit de bodem verdwijnt.

Gebruik maken van een vang- of antagonistisch gewas waarbij aaltjes worden afgevoerd, of de populatie daalt, lijkt meer aangewezen. Toch zijn dergelijke gewassen niet makkelijk te vinden. Tevens streven we hier naar gewassen met een korte teeltperiode, waarbij snel effect te zien is.

Objecten
Braakligging, Rucola Diplotaxis tenuifolia Toscana, Soedangras "Piper" en Tagetes "Nemamix"

Resultaten
De onderstaande tabellen kunnen in het bijhorend rapport geraadpleegd worden:

  • Analyseresultaten bodem en wortel
  • Wortelbeoordeling opvolgende teelt

Bespreking
Deze proef was een demonstratieproef. Aangezien de proef slechts aanlag in twee herhalingen was het niet mogelijk om op de proefgegevens een statistische verwerking uit te voeren. De resultaten tijdens de bespreking kunnen dus enkel aanzien worden als trends. 


Evolutie van het aantal Meloidogyne sp. 
Drie verschillende tussenteelten/groenbemesters werden geselecteerd om hun mogelijke reductie van Meloidogyne sp. na te gaan: tagetes, rucola en soedangras. Hiervoor werd er op drie tijdstippen het aantal aanwezige nematoden in de bodem geanalyseerd. Het eerste tijdstip van staalname was vlak voor het uitzaaien van de groenbemesters; het tweede tijdstip viel samen met het inwerken van het soedangras en de rucola; en tenslotte het derde tijdstip, viel samen met het inwerken van de tagetes. 
Initieel was er reeds een vrij grote variatie in het aantal nematoden tussen de verschillende bedden. Omwille van deze verschillende uitgangssituatie, werd er gekozen om per object geen gemiddelden te nemen van de twee herhalingen.

  • Rucola
    Voor de objecten bezaaid met rucola werd op het moment van inwerken weinig verschil in aantal nematoden geteld ten opzichte van de uitgangssituatie. Pas bij de laatste staalname, zo’n twee maand na inwerken, werd een vrij sterke reductie in het aantal Meloidogyne sp. waargenomen in de bodem. Bij de analyse van de wortelstalen werden er geen nematoden geteld. Rucola werd eerder al gerapporteerd als een mogelijk zwak gastheergewas. Bovendien zouden de gewasresten bij inwerking actief kunnen zijn als biofumigant. Dit laatste zou de sterke afname kunnen verklaren van het aantal Meloidogyne sp. geruime tijd na het inwerken.

  • Soedangras
    Voor de objecten bezaaid met Soedangras werd op het moment van inwerken een onverwachte, en sterke inductie van het aantal nematoden in de bodem waargenomen in een van de twee herhalingen. Geruime tijd na het inwerken werd er echter voor beide herhalingen geen verschil in aantal nematoden geteld ten opzichte van de beginsituatie. Er trad dus geen reductie in het aantal Meloidogyne sp. op. Nochtans wordt soedangras gerapporteerd als een zwak gastheergewas en verscheidene variëteiten zouden een nematicidale activiteit bezitten. Bij de analyse van de wortelstalen werd er in beide herhalingen een beperkt aantal nematoden geteld.

  • Tagetes
    De objecten met tagetes werden als laatste ingewerkt. In een van de herhalingen werd een onverwachte toename van het aantal Meloidogyne sp. waargenomen. In de andere herhaling was nauwelijks een verschil op te merken met het aantal nematoden ten opzichte van de situatie voor het inzaaien. Nochtans is Tagetes is reeds lang gekend voor zijn nematode-onderdrukkende eigenschappen. Verscheidene mogelijke mechanismen werden naar voor geschoven: werking als vanggewas; een allelopatisch effect of een positief effect op nematode-antagonistische micro-organismen. Toch zijn er ook studies met tegenstrijdige resultaten, en zou het effect van tagetes o.a. afhangen van het nematoden-species, de gebruikte tagetes-soort, omgevingscondities zoals de bodemtemperatuur en de tijdsduur van de tussenteelt. Bij de analyse van de wortelstalen werden enkel nematoden geteld in de herhaling met het hoge aantal nematoden in de bodem.

  • Braak
    In de braakgelegen objecten werd er steeds een zekere reductie van het aantal Meloidogyne sp. geobserveerd. Deze reducties waren over het algemeen echter minder sterk als bij de objecten die bezaaid werden met rucola.



Wortelbeoordeling van het opvolgende gewas
Na het inwerken van de verschillende groenbedekkers werd in elk bed tomatenplanten met dezelfde onderstam (Fortamino (Vitalis)) gegroeid. Op het einde van het groeiseizoen werd hierop een wortelbeoordeling uitgevoerd.

Wanneer de wortelmassa van de tomatenplanten vergeleken werd, kon een positief effect van rucola waargenomen worden. Verder werden er weinig verschillen ten opzichte van de braakgelegen bedden geobserveerd.

Voor de wortelknobbelindex scoorde een braakgelegen bed het beste, hoewel dit bed toch een vrij hoog aantal Meloidogyne sp. telde bij de laatste analyse. Een bed dat eerder bezaaid was met tagetes, kreeg de slechtste score voor wortelknobbelindex. Dit bed telde ook het hoogste aantal Meloidogyne sp. bij de laatste analyse. 

Over het algemeen scoorden de braakgelegen bedden het best van al voor deze wortelbeoordeling, de groenbedekkers bleken geen noemenswaardige reductie te veroorzaken op de ontwikkeling van de wortelknobbels.


Besluit
Aangezien deze proef demonstratief aangelegd werd, kan niet met zekerheid aangetoond worden dat er verschillen zijn. Voor soedangras of tagetes is in deze proefopstelling gebleken dat er geen reductie optreedt van het aantal Meloidogyne sp. in de bodem. Er is een trend dat het gebruik van rucola als groenbemester mogelijks zorgt voor een reductie in het aantal Meloidogyne sp. na inwerking. Om dit met zekerheid te zeggen, zou dit nog eens herbevestigd moeten worden in een proef met voldoende herhalingen.

Wanneer achteraf de symptoomontwikkeling op het wortelstelsel van het opvolgende gewas vergeleken wordt, blijken de braakgelegen bedden over het algemeen het beste te scoren. De gebruikte groenbemesters schijnen in deze proefopstelling geen noemenswaardige meerwaarde te bieden voor de reductie van het ziektebeeld. Een mogelijke verklaring voor het tegenvallende resultaat bij rucola kan zijn dat de geobserveerde reductie van het aantal Meloidogyne sp. na inwerking slechts tijdelijk van aard is, of dat er pas een effect optreedt na meerdere toepassingen van deze groenbemester. Ook de negatieve resultaten voor tagetes waren onverwacht, gezien deze reeds lang gekend is voor zijn nematode-onderdrukkende eigenschappen. Ook hier is het mogelijk dat er pas een effect optreedt na meerdere toepassingen, of dat tagetes niet actief is tegen de specifieke meloidogyne sp. aanwezig in de bodem tijdens deze proefopstelling.  Om met zekerheid het effect van de gekozen bodembemesters te besluiten, zou dit nog eens herbevestigd moeten worden in een proef met voldoende herhalingen of in een proef die over verschillende teelten heen loopt.

Volledig verslag Onderdrukking van Meloidogyne in kas door middel van het inzaaien van gepaste tussenteelt/groenbemesting binnen de rotatie van vruchtgroenten 2016

publicatiejaar2016
afdelingBiologisch glas
Teelt of thema
  • Aubergine
  • Komkommer
  • Paprika
  • Tomaat
Print

Aantal keer bekeken (6384)/Commentaren (0)

Documenten

Links

x