X
GO

Actueel nieuws

Twee bemestingsdemo’s door het PCG op demonstratiedag Ardooie

Twee bemestingsdemo’s door het PCG op demonstratiedag Ardooie

Een eerste rond stikstofbemesting en een tweede rond het gebruik van startmeststoffen

Auteur: Winnepeninckx Robrecht/donderdag 30 maart 2017/Categorieën: Openluchtteelt, Koolgewassen, bloemkool, Thema, bemesting, Voorlichting, studiedag, Actueel, Niet-leden

Het PCG had op het bloemkoolplatform twee bemestingsdemo’s, een eerste rond stikstofbemesting en een tweede rond het gebruik van startmeststoffen. Beide demo’s werden aangeplant op 9 juli 2016 met het ras Giewont (Seminis). Om de verschillen duidelijk te kunnen aantonen gebeurde de bemesting volledig met kunstmest zonder inzet van dierlijke mest.

 

Stikstofbemesting
Binnen de N-demo zijn verschillende bemestingsstrategieën met elkaar vergeleken. Een object kreeg de wettelijk maximale bemesting, 220 E N, bij de start toegediend en ontving geen bijbemesting. In andere objecten werd het Vlaams KNS-systeem gevolgd. In een eerste object werd breedwerpig bemest, in een tweede via bandbemesting.

Bij de breedwerpige toepassing werd de stikstof bij de start aangevuld tot 190 E (0-30) en na 4 weken aangevuld tot 250 E (0-60). Bij de start werd bemest met 150 E en de bijbemesting gebeurde met 70 E N. In totaal werd dus evenveel stikstof ingezet als de maximale dosis, namelijk 220 E N. In het object met bandbemesting werden de stikstofhoeveelheden met 20 % verminderd. Als stikstofmeststof werd hiervoor enkel ammoniumnitraat gebruikt. Het was duidelijk dat de bemesting bij de start toegediend de beste resultaten gaf en het beste stikstofresidu. Zie tabel 1.

Tabel 1: Gewasbeoordeling en stikstofresidu 0-90 cm (21/09/2016)

Tabel 1: Gewasbeoordeling en stikstofresidu 0-90 cm (21/09/2016)

Verder werd nagegaan of bijbemesting met bladvoeding een goed alternatief was voor de klassieke bodembemesting met ammoniumnitraat. Deze objecten hebben bij de start een breedwerpige toepassing van ammoniumnitraat gekregen van 150 eenheden.

Daarna is er een bijbemesting toegepast met de bladvoedingen Azofol of ureum. Bladvoedingen zouden een vier keer efficiëntere werking hebben dan grondmeststoffen. Hierop baserend hebben we gekozen voor een toediening van 5,8 eenheden bladvoeding aangelegd in drie herhalingen. Ook de dubbele dosis bladvoeding (11,6 eenheden) is meegenomen in de proef.

Er viel gedurende het teeltseizoen weinig neerslag. Hierdoor werd de als bijbemesting toegediende ammoniumnitraat (referentie-object) pas beschikbaar voor de plant enkele weken voor de oogst. De bladvoedingen Azofol en Ureum toegediend in drie maal aan 25 % van de dosis ammoniumnitraat gaven geen duidelijke meerwaarde t.o.v. de referentie.

De objecten waar dubbel zoveel werd toegediend (50 % van de referentie bemesting met ammoniumnitraat) scoorden duidelijk beter dan de referentie. Ureum gaf het beste resultaat. Ook in deze demo worden lagere stikstofresiduen gehaald met de bladvoedingen.

Verder gaf een onbeteeld en onbemest object ons inzicht over de mineralisatiecapaciteit van de bodem. Gedurende de teeltperiode kwam er zo’n 100 eenheden N vrij via mineralisatie.

Gebruik van startmeststoffen
In deze demo werden verschillende toepassingen van startmeststoffen aangelegd, namelijk de inzet van ammoniumpolyfosfaat APP (10-34-0) enerzijds aan de plantvoet (2 ml/plant in 100 ml water) en anderzijds op de plantbak (2 l/a), een plantvoetbehandeling met Novatec Solub (21-0-0), toegepast aan 2 g/plant in 100 ml water en ter vergelijking een object waarin 45 E P2O5 met tripelsuperfosfaat werd gegeven en een onbemest object.

Ook in deze proef waren de resultaten duidelijk (tabel 2). Waar de plantbakbehandeling met APP heel snel resultaten toonde (zie figuur 1) werd minder dan 1 E P2O5 en N toegediend en was het gewas bij de oogst beduidend kleiner dan de objecten waar de plantvoetbehandeling met APP en in iets mindere mate met Novatec Solub werden toegediend.

APP plantbakbehandeling (links), APP puntbehandeling bij planten (rechts), foto genomen op 20/07/2016.

Figuur 1 : APP plantbakbehandeling (links), APP puntbehandeling bij planten (rechts), foto genomen op 20/07/2016.

 

Het gewas in het object waar geen startfosfor werd gegeven was eveneens kleiner, net zoals dat waar 45 E P2O5 met tripsuperfosfaat werd toegediend. De objecten met startmeststof haalden een veel lager stikstofresidu dan het object zonder startfosfor.

Tabel 2: Gewasbeoordeling en stikstofresidu 0-90 cm (21/09/2016)

Tabel 2: Gewasbeoordeling en stikstofresidu 0-90 cm (21/09/2016)

Meer info?
Robrecht Winnepeninckx

In samenwerking met

  

Print

Aantal keer bekeken (7481)/Commentaren (0)

Documenten

Links

x