X
GO

Actueel nieuws

Bloemkool gewasbescherming koolvlieg (plantbakbehandeling) 2014

Bloemkool gewasbescherming koolvlieg (plantbakbehandeling) 2014

Bestrijding van koolvlieg in bloemkool: uittesten diverse plantbakbehandelingen 2014

Auteur: Volckaert Anneleen/maandag 15 december 2014/Categorieën: Openluchtteelt, Koolgewassen, bloemkool, Projecten, Vlaamse Overheid, Dept. L en V, IPOL, Thema, gewasbescherming, plagen, Voorlichting, proefverslag, projectinfo, Proefverslag, Niet-leden

Deze proef werd aangelegd om de efficiëntie van diverse plantbakbehandelingen tegen koolvlieg (Delia radicum / HYLERA) in bloemkool (Brassica oleracea var. botrytis / BRSOB) na te gaan.

 

 

  • Er werden plantbakbehandelingen met Tracer getest op diverse tijdstippen. Het idee is dat een te vroege behandeling de plant onvoldoende kan beschermen en dus voor een zwaardere aantasting door koolvlieg kan zorgen.

  • Er werden plantbakbehandelingen met Tracer getest waarbij er teveel of te weinig water gebruikt werd (‘foute’ toepassingen). Spinosad is enkel opwaarts systemisch, moet bij de wortel geraken en moet daarom optimaal afgeregend worden. Opname via het blad kan de wortel niet beschermen.

  • Er werden plantbakbehandelingen met Tracer getest waarbij de toepassing in de zon gebeurde (‘foute’ toepassingen). Spinosad wordt afgebroken door UV-straling en moet daarom in de schaduw toegepast worden.

  • Daarnaast werd Tracer vergeleken met het proefproduct PM14/029.

Infectiemethode
Met koolvlieg (poppen en maden) aangetaste broccoliwortels werden aan de buitenranden van de proef verspreid. Per twee meter werd één aangetaste broccoliwortel gelegd. Deze infectie gebeurde eenmaal, twee weken na plant.

Behandelingsmethode

  • Proefbehandeling A gebeurde bij zaai door gebruik van Mundial gecoate zaden.
  • Proefbehandelingen B, C en D waren plantbakbehandelingen die gebeurden met een ruggedragen professionele proefveldspuit onder een constante afgiftedruk van 3.8 bar.
  • Proefbehandeling E was een granulaatbehandeling aan de plantvoet kort na planten.

De aantasting door koolvlieg was laag in deze proef waardoor de resultaten onduidelijk zijn. Er is een trend dat de plantbakbehandeling best niet te vroeg gezet wordt. Een behandeling wordt idealiter kort na het afleveren gezet, aangezien een koolvliegaantasting ook in de plantbak kan gebeuren.

Beoordelingsmethode
Per veldbeoordeling werd van de volledige plot het aantal weggevallen planten, door koolvlieg en niet door koolvlieg, geteld. Ook werden de visueel aangetaste planten door koolvlieg geteld.

Op het einde van de teelt werden 20 bloemkoolwortels beoordeeld op schade van de koolvlieg.

De koolvliegschade op de wortels werd opgedeeld in 4 klasses:

- Klasse 0: Geen aantasting
- Klasse 1: Lichte tot matige aantasting
- Klasse 2: Matige tot zware aantasting
- Klasse 3: Zeer zware aantasting

Per bloemkoolwortel werd een klasse toegekend.

 

Klasse 0: Geen aantasting

    

Klasse 1: Lichte tot matige aantasting 

 
 
Bloemkool: geen aantasting koolvlieg

 
Bloemkool: lichte tot matige aantasting koolvlieg

 
         
 

Klasse 2: Matige tot zware aantasting

 

Klasse 3: Zeer zware aantasting

 
 
Bloemkool: matige tot zware aantasting koolvlieg

 
Bloemkool: zeer zware aantasting koolvlieg

 

Om de selectiviteit van de middelen na te gaan werd gecontroleerd of er bij de behandelde objecten groeiachterstand, verkleuringen, vergroeiingen of necrose aanwezig was op het gewas ten opzichte van het onbehandelde object.

Statistische analyse
Indien de waarden niet homogeen verdeeld waren, werd een transformatie uitgevoerd. Daarna gebeurde een variantie-analyse op de gemiddelden. Als hier significante verschillen (α=0.05) werden gevonden dan werd een post-hoc Tukey test uitgevoerd om de verschillen tussen de gemiddelden aan te tonen.

Resultaten
De uitgebreide resultaten met de diverse beoordelingen op 28/05/2014, 19/06/2014, 4/07/2014, 30/07/2014 en 11/08/2014 zijn raadpleegbaar in het bijhorende verslag.

Validiteit van de resultaten
Er waren afwijkingen van meer dan 10% betreffende de hoeveelheid afgegeven proefproduct in proefbehandeling B:

  • Object 3, parallel 1, 2, 3, 4 (-14.32%)

Er waren afwijkingen van meer dan 10% betreffende de hoeveelheid afgegeven proefproduct in proefbehandeling C:

  • Object 5, parallel 1, 2, 3, 4 (-13.18%)
  • Object 9, parallel 1, 2, 3, 4 (-14.92%)

De resultaten zijn geldig.

Bespreking 
De aantasting door koolvlieg was laag in deze proef.

Tijdens de teelt werden weinig verschillen waargenomen. Enkel in het onbehandelde object werden visueel iets meer aangetaste planten door koolvlieg waargenomen.

Bij oogst was er geen verschil in percentage vermarktbare kolen. Het percentage was hoog (93 % of meer), zelf in het onbehandelde object.

Zwaar aangetaste wortels waren er niet. Bij de wortelbeoordeling kon wel iets meer verschil gezien worden tussen de objecten. Het object waar de plantbakbehandeling met Tracer goed toegepast werd ( = in de schaduw met optimale waterhoeveelheid), bij afleveren, in combinatie met een granulaatbehandeling met Pychlorex 5 G bij plant, haalde het beste resultaat. De wortels uit dit object waren het minst aangetast.

Er is een trend dat de plantbakbehandeling best niet te vroeg gezet wordt. Een behandeling wordt idealiter kort na het afleveren gezet, aangezien een koolvliegaantasting ook in de plantbak kan gebeuren. Het effect van ‘foute’ plantbakbehandelingen met Tracer (teveel inregenen, te weinig inregenen, toepassen in felle zon) kon niet aangetoond worden. Toch is het aangewezen om de goede toepassing ( = in de schaduw met optimale waterhoeveelheid) na te streven. Daarnaast is de trend waarneembaar dat de combinatie met Mundial een voordeel biedt in de bescherming tegen koolvlieg.

Besluit
In deze proef komt naar voren dat een goede bescherming van bloemkoolplanten tegen koolvlieg bekomen wordt als er gebruik wordt gemaakt van Mundial gecoate zaden. Dit dient gecombineerd te worden met een plantbakbehandeling met Tracer (of PM14/029) die het best gezet wordt kort na het afleveren. Voor een optimaal resultaat wordt het best nog een granulaatbehandeling met Pychlorex 5 G uitgevoerd tijdens het planten.

Hoe een plantbakbehandeling met Tracer het best gebeurt, kon in deze proef niet aangetoond worden. Ondanks de onduidelijke resultaten benadrukken we het belang van een correcte toepassing op de plantbak om een goede efficiëntie te bekomen. Voor de toepassing moeten de planten en de persblokken of trays vochtig zijn maar niet te nat om uitspoeling vermijden. Gebruik hiervoor 200 ml water per m². Zorg bij de toepassing voor een uniforme verdeling van het product over de plantbakken, gebruik hiervoor 500 ml water per m² en regen na de toepassing snel af met 1000 ml water per m². Voer de behandeling niet uit in felle zon, spinosad wordt immers afgebroken door UV-straling.

Verklaring van de kwaliteitsverantwoordelijke
De kwaliteitsverantwoordelijke verklaart dat dit document werd uitgevoerd volgens de kwaliteitsborgingspunten vastgelegd in het intern kwaliteitssysteem van het PCG.

Het effect van ‘foute’ plantbakbehandelingen met Tracer (teveel inregenen, te weinig inregenen, toepassen in felle zon) kon niet aangetoond worden. Toch is het aangewezen om de goede toepassing (in de schaduw met optimale waterhoeveelheid) na te streven.

Daarnaast is de trend waarneembaar dat de combinatie met Mundial een voordeel biedt in de bescherming tegen koolvlieg.

In deze proef kon wel aangetoond worden dat een granulaatbehandeling met Pychlorex 5 G uitgevoerd tijdens het planten, bovenop een zaadcoating met Mundial en een plantbakbehandeling met Tracer, voor een betere bescherming van de bloemkoolwortels zorgt.

Tips voor een correcte toepassing op de plantbak om een goede efficiëntie te bekomen:

  • Voor de toepassing moeten de planten en de persblokken of trays vochtig zijn maar niet te nat om uitspoeling vermijden.

  • Gebruik hiervoor 200 ml water per m².

  • Zorg bij de toepassing voor een uniforme verdeling van het product over de plantbakken, gebruik hiervoor 500 ml water per m² en regen na de toepassing snel af met 1000 ml water per m².

  • Voer de behandeling niet uit in felle zon, spinosad wordt immers afgebroken door UV-straling.

Samenwerking
Deze proef ligt aan in het kader van het project “Integratie van IPM in de vollegrondsgroenteteelt in Vlaanderen”. Dit project wordt uitgevoerd met de steun van Departement Landbouw en Visserij, Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling”.

  

Volledig verslag Bestrijding van koolvlieg in bloemkool: uittesten diverse plantbakbehandelingen en toepassingstijdstippen 2014

publicatiejaar2014
afdelingOpen lucht
Teelt of thema
  • Bloemkool
Print

Aantal keer bekeken (9937)/Commentaren (0)

Documenten

Links

x